direct naar inhoud van Artikel 18 Algemene wijzigingsregels
Plan: Zeebuurt 2011
Status: concept
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0243.BP00051-0001

Artikel 18 Algemene wijzigingsregels

  • 1. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen ter plaatse van de aanduiding 'Wro-zone - wijzigingsgebied'.
    • a. Ten aanzien van ‘Wro-zone - wijzigingsgebied 1’ gelden de volgende voorwaarden:
      • er mag 1 woning met bijbehorende bouwwerken worden gerealiseerd;
      • de goot- en de bouwhoogte van het nieuw toe te voegen hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan respectievelijk 6 m en 10 m. Overige gebouwen hebben een maximale goothoogte van 3 m en een bouwhoogte van 4,50 m;
    • b. Ten aanzien van ‘Wro-zone - wijzigingsgebied 2’ gelden de volgende voorwaarden:
      • de bestemming van de gronden mag worden gewijzigd naar 'Wonen';
      • het aantal woningen mag niet meer bedragen dan 1;
      • na opheffing van het garagebedrijf mag de aanduiding 'bedrijfswoning' van de verbeelding worden verwijderd;
      • de goot- en de bouwhoogte van hoofdgebouwen mag niet meer bedragen dan respectievelijk 6 m en 10 m. Overige gebouwen hebben een maximale goothoogte van 3 m en een bouwhoogte van 4,50 m, dan wel de bestaande goot- en bouwhoogten indien deze meer bedragen;
    • c. Ten aanzien van ‘Wro-zone - wijzigingsgebied 3’ tot en met ‘Wro-zone - wijzigingsgebied 10’ gelden de volgende voorwaarden:
      • de goot- en de bouwhoogte van hoofdgebouwen mag niet meer bedragen dan respectievelijk 6 m en 10 m. Overige gebouwen hebben een maximale goothoogte van 3 m en een bouwhoogte van 4,50 m;
      • Het aantal woningen met een geluidbelasting hoger dan 48 dB vanwege wegverkeerslawaai en 50 dB(A) vanwege industrielawaai mag niet toenemen ten opzichte van de huidige situatie;
    • d. Ten aanzien van ‘Wro-zone - wijzigingsgebied 11’ gelden de volgende voorwaarden:
      • voor 50% van de gronden mag de bestemming van de gronden worden gewijzigd naar 'Maatschappelijk' met de aanduiding 'wonen', met dien verstande dat maatschappelijke functies uitsluitend op de begane grond zijn toegestaan en wonen op de begane grond en de daarboven gelegen verdiepingen;
      • de goot- en de bouwhoogte van hoofdgebouwen mag niet meer bedragen dan respectievelijk 6 m en 10 m, met dien verstande dat voor 50% van de hoofdgebouwen een goot- en bouwhoogte van 10 meter mag worden gerealiseerd. Overige gebouwen hebben een maximale goothoogte van 3 m en een bouwhoogte van 4,50 m;
  • 2. Wijziging als bedoeld in lid 1 mag uitsluitend plaatsvinden indien:
      • kan worden voldaan aan de in het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoers Plan en de in de 'Aanbevelingen Verkeersvoorzieningen in de bebouwde kom' opgenomen parkeernormen;
      • door middel van een watertoets is aangetoond dat de waterhuishouding op aanvaardbare wijze wordt vormgegeven;
      • wordt voldaan aan de relevante wet- en regelgeving op het gebied van bodem, geluid, externe veiligheid, luchtkwaliteit, archeologie, alsmede flora en fauna;
      • de economische haalbaarheid is verzekerd;
      • een toename van woningen in overeenstemming is met het gemeentelijk woningbouwprogramma..
  • 3. Op de voorbereiding van een besluit tot wijziging als bedoeld in lid 1 is de in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht geregelde procedure ven toepassing.